Plan voor duurzame landbouw in 2030

Maandag 17 juni presenteerde minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) haar plan voor het realiseren van een duurzame landbouw/kringlooplandbouw in 2030.

In dit realisatieplan ‘Op weg met nieuw perspectief’ licht de minister toe waarom de overgang naar kringlooplandbouw noodzakelijk is. En inmiddels ook in gang is gezet.

Lees en/of download het volledige plan via rijksoverheid.nl.

Nieuwe kansen voor de sector

Omschakeling naar kringlooplandbouw is nodig. Voor de volksgezondheid, het dierenwelzijn en het milieu. Maar goed beheer beheer van bodem, water en natuur biedt ook voor de sector zelf nieuwe kansen. Hierbij moet de voortdurende druk om de kostprijs van producten te verlagen, plaats maken voor het verbruiken van minder grondstoffen.

Minder broeikasgassen

De verduurzaming van de landbouw zal vooral veel van veehouderijen vragen. Zo wordt er verwacht dat er tijdens de productie (steeds) minder schadelijke stoffen in het milieu terechtkomen. De uitstoot van broeikasgassen moet omlaag en de sector moet bijdragen aan het behoud en herstel van de biodiversiteit.

Speerpunten

De belangrijkste punten uit het realisatieplan vind je hieronder uitgelicht:

  • Ontwikkeling en inzet van technische vernieuwingen (precisielandbouw): zodat precies bepaald kan worden wat de bodem, gewassen of vee nodig hebben.
  • Meer ruimte om te experimenteren: om de omslag naar kringlooplandbouw te kunnen maken, mogen boeren in 5 gebieden tijdelijk afwijken van bepaalde wetten en regels.
  • Inzetten van overheidsgrond: boeren kunnen pachtgronden inzetten om zich te ontwikkelen naar een bedrijfsvoering waarbij rekening wordt gehouden met de natuur.
  • Hergebruik van restproducten: voorjaar 2020 moeten er afspraken zijn gemaakt met het bedrijfsleven om alle overgebleven producten uit de voedselproductie en -consumptie te hergebruiken.
  • Boer belonen voor duurzaam produceren: ontwikkeling van initiatieven om de inkomsten van boeren te verbeteren.
  • Wegnemen van belemmerende regels rond mest en afval.
  • Kortere lijnen tussen producenten en afnemers.
  • Betere stalsystemen om het leefklimaat voor mens en dier te verbeteren.
  • Meer kennis ontwikkelen over het (natuurlijke) gedrag van dieren en die toepassen in de veehouderij.
  • Maatregelen om veetransport te beperken en diervriendelijker te maken.
  • Duurzame producten realistisch in de markt zetten (eerlijke prijzen).